Veel soorten kustbroedvogels in de Waddenzee hebben te maken met een laag broedsucces, maar niemand ziet imidacloprid verontreiniging van de kust

Veel soorten kustbroedvogels in de Waddenzee hebben te maken met een laag broedsucces. Het gaat vooral om scholekster, kluut, kokmeeuw, grote stern, visdief en noordse stern. Met lepelaar, zilvermeeuw, kleine mantelmeeuw en eider lijkt het momenteel beter te gaan. Dit blijkt uit een onderzoek van Sovon Vogelonderzoek Nederland en IMARES Wageningen UR. Sinds 2005 worden in de Waddenzee jaarlijks gegevens verzameld over het broedsucces van een aantal karakteristieke kustbroedvogels. De onderzoekers volgen tien vogelsoorten die representatief zijn voor specifieke habitats en voedselgroepen. Dit zogeheten reproductiemeetnet is een ‘early warning systeem’ om het reproducerend vermogen van de vogelpopulaties in de Waddenzee te volgen en de achterliggende processen van populatieveranderingen te doorgronden. De monitoring is onderdeel van het trilaterale TMAP-programma dat samen met Duitsland en Denemarken wordt uitgevoerd. De resultaten uit de periode 2011 - 2013 laten zien dat nog steeds veel soorten kustbroedvogels weinig succesvol zijn. Sommige soorten deden het zelfs slechter dan in de eerste jaren van de monitoring. Een mogelijke verklaring is de sterke verontreiniging van de Waddenkust met het insecticide imidacloprid, dat in iedere concentratie, hoe klein ook, een bedreiging voor insecten vormen. Met name de aardappelteelt is een belangrijke bron van verontreiniging met bestrijdingsmiddelen. Insecten zijn onmisbare voeding voor vogelkuikens.

Bronnen: SOVON, 5 maart 2016
https://www.sovon.nl/nl/actueel/nieuws/broedvogels-de-waddenzee-hebben-…
Wetterskip Fryslan, juli 2016

Henk Tennekes

Fri, 01/04/2016 - 11:23

De kust van de Waddenzee is verontreinigd met imidacloprid, maar niemand komt op het idee dat dit wel eens een rol zou kunnen spelen bij het lage broedsucces van de waddenvogels, terwijl we weten dat imidacloprid in het oppervlaktewater correleert met achteruitgang van insectivore vogels. Ook merkt niemand schijnbaar op dat de lepelaar en kleine mantelmeeuw viseters zijn en dus niet direct te leiden hebben onder een door imidacloprid veroorzaakt gebrek aan ongewervelde dieren. Zilvermeeuwen eten van alles: in hun natuurlijke kustomgeving vooral mosselen, kokkels, krabbetjes en wormen; in de stad allerlei afval. Ze vissen zelf niet of nauwelijks, maar lusten wel degelijk vis en visafval. Het voedsel van de eider bestaat uit zeeplanten, weekdieren, schelpdieren, vissen en andere kleine zeedieren. Dus alle soorten die het redelijk goed doen zijn in staat met visconsumptie de behoefte aan eiwitten te dekken.
Bron:
https://nl.wikipedia.org/wiki/Zilvermeeuw
https://nl.wikipedia.org/wiki/Kleine_mantelmeeuw
https://nl.wikipedia.org/wiki/Eider_(vogel)